Financiële ondernemingen zijn op grond van anti-witwasregelgeving verplicht onderzoek met betrekking tot de identiteit van hun cliënten te verrichten. Dit gebeurt steeds vaker op afstand. Op 3 juni 2021 heeft de Europese Commissie een voorstel gedaan voor een raamwerk voor een Europese digitale identiteit. Deze bijdrage behandelt de vraag of de in dit voorstel geïntroduceerde Europese identiteitsportemonnee dé oplossing wordt voor het verrichten van cliëntenonderzoek op afstand.
1. Cliëntenonderzoek vindt steeds vaker op afstand plaats
Financiële ondernemingen zijn verplicht cliënten voorafgaand aan het aangaan van een zakelijke relatie te identificeren en hun identiteit te verifiëren (hierna: cliëntenonderzoek).2Hoewel de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (hierna: Wwft) ook van toepassing is op een aantal niet-financiële ondernemingen en personen, zullen wij ons in deze bijdrage beperken tot Wwft-plichtige financiële ondernemingen. Van oudsher wordt dit gedaan door cliënten op kantoor te ontvangen en naar hun paspoort of ander identiteitsbewijs te vragen. Met de toename van online dienstverlening is ook de vraag naar oplossingen voor cliëntenonderzoek op afstand toegenomen. De COVID-19 pandemie heeft bovendien nog eens extra aangetoond hoe belangrijk toegang tot online diensten via veilige identificatie op afstand is.3eIDAS 2 Voorstel (zoals hierna gedefinieerd), p. 7. In potentie brengt deze vorm van cliëntenonderzoek echter een hoger risico op fraude met zich.4Zie artikel 8 lid 1 en 2 van de Wwft en bijlage III bij Richtlijn (EU) 2015/849 (hierna: de Vierde Anti-Witwasrichtlijn), onder (2)(c) waarin zakelijke relaties op afstand of transacties op afstand, zonder waarborgen, zoals elektronische handtekeningen worden aangemerkt als factor van potentieel hoger risico.