Het Urgenda-arrest van de Hoge Raad is bij het schrijven van dit artikel zo'n twee jaar oud.2Hoge Raad 20 december 2019, ECLI:NL:HR:2019:2006 (Urgenda). Het arrest was opzienbarend en heeft, net als de eerdere oordelen van de rechtbank en het gerechtshof, nationaal en internationaal veel aandacht getrokken. Concreet dwong de rechter in Urgenda de Nederlandse Staat met een beroep op het recht op leven en het recht op eerbiediging van het privé-, familie- en gezinsleven zoals neergelegd in artikel 2 en artikel 8 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM) de uitstoot van broeikasgassen in Nederland met minimaal 25 procent te doen verminderen ten opzichte van die van 1990. In de ons omringende landen zijn vergelijkbare procedures gestart. In 2021 zijn ook de Duitse3Bundesverfassungsgericht 24 maart 2021, zaaknrs. 1 BvR 2656/18, 1 BvR 78/20, 1 BvR 96/20, 1 BvR 288/20. en Franse overheden4Tribunal administratif de Paris 14 oktober 2021, zaaknrs. 1904967, 1904968, 1904972 en 1904976/4-1. door de rechter gedwongen verdergaande maatregelen te nemen om de uitstoot van broeikasgassen te doen verminderen.5Zie ook L.M. Nijenhuis, 'Klimaatjurisprudentie in 4 Europese landen in 12 maanden tijd: wat leert een vergelijking met Urgenda?', JBplus 2021/14, p. 211-221.
Het lag in de lijn der verwachting dat individuele ondernemingen ook aansprakelijk gehouden zouden worden voor het reduceren van de uitstoot van broeikasgassen. Op 26 mei 2021 beval de Rechtbank Den Haag Royal Dutch Shell plc (RDS) – toen nog gevestigd in Den Haag – om het gezamenlijke jaarlijks volume van alle aan de bedrijfsactiviteiten en verkochte energiedragende producten van de Shell-groep verbonden CO2-emissies naar de atmosfeer zodanig te beperken of doen beperken dat dat volume eind 2030 ten minste zal zijn verminderd met netto 45% in vergelijking met het niveau van het jaar 2019.6Rb. Den Haag 26 mei 2021, ECLI:NL:RBDHA:2021:5337 (Milieudefensie e.a. tegen Royal Dutch Shell plc). Ook deze uitspraak heeft nationaal en internationaal veel aandacht gekregen en zal ongetwijfeld een belangrijke rol spelen bij andere klimaatzaken. Daarom wordt in dit artikel de Shell-zaak nader besproken en bezien in het licht van internationale ontwikkelingen. Daarbij ligt de nadruk op de mogelijkheden om ondernemingen via de rechter te dwingen hun uitstoot van broeikasgassen te verminderen.