1. Inleiding
In de actuele versie van de Richtlijnen voor de jaarverslaggeving gelden voor de enkelvoudige jaarrekening andere criteria dan voor de geconsolideerde jaarrekening wat betreft de classificatie van financiële instrumenten als eigen vermogen dan wel vreemd vermogen. Voor de geconsolideerde jaarrekening is de economische realiteit leidend bij de classificatie, in de enkelvoudige jaarrekening is de juridische vorm leidend. In een ontwerp-richtlijn opgenomen in de RJ-bundel 2018 wordt voorgesteld om voor de enkelvoudige jaarrekening in grotere mate, maar niet uitsluitend, uit te gaan van de economische realiteit. In dit artikel bespreek ik de geldende en voorgestelde versie van de Richtlijnen. Ik bespreek daarvoor eerst de inhoud en achtergrond van de geldende Richtlijn 240, evenals de voorgestelde wijziging. Vervolgens betoog ik dat het onderscheid tussen juridische vorm en economische realiteit minder scherp is dan de Richtlijnen suggereren, en concludeer dat, voor zover dit onderscheid betekenis heeft, de RJ er goed aan zou doen de classificatie in zowel de enkelvoudige als de geconsolideerde jaarrekening op de economische realiteit te baseren.